Algemene voorwaarden

Voorwaarden behorende bij de huurovereenkomst van Haan Verhuur.

Haan Verhuur is niet aangesloten bij BOVAG, wel conformeren wij ons grotendeels aan de voorwaarden die zijn vastgesteld door BOVAG in overleg met de Consumentenbord en de ANWB in het kader van de SER Coördinatiegroep Zelfregulerings-overleg en treden in werking per 1 juli 2016.


BEGRIPSOMSCHRIJVING
In deze voorwaarden wordt verstaan onder:
Het gehuurde: de aanhangwagen en/of de andere zaak, inclusief de accessoires die
worden gehuurd;
Aanhangwagen: een aanhangwagen als bedoeld in de Wegenverkeerswetgeving, niet
zijnde een caravan, met een maximaal totaal gewicht van 3500 kg. Een caravan is
ingericht op het (tijdelijk) verblijf van personen, waar de aanhangwagen uitsluitend
bestemd is voor het vervoer van zaken of paarden;
Huurder: de natuurlijke persoon of rechtspersoon die als huurder de huurovereenkomst sluit;
Verhuurder: de natuurlijke persoon die als verhuurder de huurovereenkomst sluit;
Consument: de huurder die een natuurlijk persoon is en de huurovereenkomst heeft
gesloten voor doeleinden die buiten zijn bedrijfs- of beroepsactiviteit vallen;
Schade van de verhuurder: de vermogensschade die verhuurder lijdt als gevolg van:
beschadiging (inclusief abnormale slijtage) of vermissing van het gehuurde of van
toebehoren (zoals sloten en sleutels van (compartimenten binnen) het gehuurde) of
onderdelen daarvan. Tot deze schade behoren onder meer de kosten van vervangen
van (toebehoren en onderdelen van) het gehuurde en het derven van huurinkomsten;
met of door het gehuurde aan persoon of goed toegebracht nadeel, waarvoor de verhuurder, de kentekenhouder of de aansprakelijkheidsverzekeraar van het gehuurde
jegens derden aansprakelijk is;
Bovenhoofdse schade: schade van de verhuurder veroorzaakt door aanrijding met het
deel van het gehuurde dat zich op een hoogte van meer dan 1.90 meter boven de
grond bevindt of door aanrijding met op het gehuurde bevestigde zaken die zich op
meer dan 1.90 meter boven de grond bevinden;
Bestuurder: de feitelijk bestuurder van het voertuig dat het gehuurde trekt;
Schriftelijk: in geschrift of elektronisch;
WAM: Wet Aansprakelijkheidsverzekering Motorrijtuigen.


Artikel 1 - Toepasselijkheid
Deze algemene voorwaarden gelden voor huurovereenkomsten van voertuigen tussen
verhuurder en huurder.


Artikel 2 - Het aanbod
1. Huurder mag kiezen of verhuurder een aanbod schriftelijk of mondeling doet.
2. Een aanbod mag herroepen worden als het aanbod afhankelijk is van de
beschikbaarheid van een voertuig. Anders kan het aanbod 14 dagen lang niet
herroepen worden.
3. Het aanbod bevat een volledige en nauwkeurige omschrijving van:
- het gehuurde;
-de huurtermijn;
-de huursom;
-de wijze van betalen;
-de mogelijk bijkomende kosten, zoals schoonmaakkosten (zie art. 10 lid 2);
-de hoogte van het eigen risico, of dit eigen risico kan worden afgekocht of niet;
-de eventuele waarborgsom of andere manier van het stellen van zekerheid. De
waarborgsom kan contant of op een andere wijze worden betaald.
4. In het aanbod staan de openingstijden van het bedrijf en het telefoonnummer
waarop het bedrijf te bereiken is.
5. Bij het aanbod zitten deze algemene voorwaarden. Lukt het niet deze al mee te
geven bij het aanbod, dan worden de algemene voorwaarden bij het sluiten van de
overeenkomst meegegeven, maar bij een telefonisch gemaakte huurafspraak
volgen ze later.
6. Op het zelfde moment dat het aanbod wordt gedaan, krijgt huurder ook te horen:
- welke trekkracht de trekkende auto zal moeten hebben,
- tot welk gewicht het gehuurde mag worden beladen,
- welk rijbewijs noodzakelijk is om met het gehuurde te mogen rijden.


Artikel 3 - De overeenkomst
1. De overeenkomst komt tot stand door aanvaarding van het aanbod. De verhuurder
bevestigt de mondelinge overeenkomst schriftelijk, maar als dat niet gebeurt, blijft
de afspraak wel staan.
2. De huurovereenkomst geldt voor de periode en het tarief zoals op de huurovereenkomst staat of zoals op een andere manier overeengekomen. De huurovereenkomst
vermeldt dag en tijdstip waarop de huurperiode begint en eindigt.
3. Het kan zijn dat partijen afspreken dat er voor meer dan € 15.000,- aan waardevolle
spullen met het gehuurde vervoerd mogen worden. Het (eventueel verhoogde)
maximum bedrag staat op de huurovereenkomst. Ook wordt er verwezen naar een
beperking op de aansprakelijkheid uit art. 13 lid 2 van deze algemene voorwaarden.


Artikel 4 - Ontbinding (bedenktijd)
Huurders hebben gedurende 14 dagen na het tot stand komen van de huurovereenkomst een ontbindingsrecht. Dit geldt niet als de huurovereenkomst is gesloten in
direct contact tussen verhuurder en huurder binnen een verkoopruimte, bijvoorbeeld
aan de verhuurbalie. Het geldt ook niet wanneer de huur met instemming van de
consument tijdens de bedenktijd al is uitgevoerd en de consument heeft ingestemd
met het feit dat er geen ontbindingsrecht geldt. Is de huur tijdens de bedenktermijn
met instemming van de consument gedeeltelijk uitgevoerd, dan geldt dat de
consument de dienst naar rato betaalt bij ontbinding tijdens de bedenktijd.


Artikel 5 - De prijs en de prijswijzigingen
1. De huursom en eventuele bijkomende kosten worden vooraf overeengekomen.
Dit geldt ook voor de eventuele mogelijkheid om tussentijds de prijs te kunnen
veranderen. De huursom en de eventuele bijkomende kosten komen duidelijk op
de huurovereenkomst te staan.
2. Als binnen drie maanden na het sluiten van de overeenkomst een prijswijziging
optreedt, heeft deze geen invloed op de afgesproken prijs.
3. De consument mag de overeenkomst ontbinden als de prijs omhoog gaat ná drie
maanden na het sluiten van de overeenkomst, maar voordat de huurperiode is
begonnen.
4. Het tweede lid is niet van toepassing op prijswijzigingen die uit de wet voortvloeien,
zoals een verhoging vanwege btw.
5. Tijdens de huurperiode betaalt de huurder de kosten vanwege het gebruik van het
gehuurde.
6. Alleen kosten die afgesproken zijn, kunnen aan huurder in rekening worden
gebracht. Wel moet de huurder als daar een reden voor is aan de verhuurder
schadevergoeding betalen.


Artikel 6 - De huurperiode en de overschrijding van de huurperiode
1. Huurder moet het gehuurde op de dag en tijd waarop de huurperiode eindigt
terugbrengen. Het adres staat op de huurovereenkomst. Is er een ander adres
afgesproken, dan moet het gehuurde daar op tijd worden gebracht. Verhuurder
moet het gehuurde, tijdens openingstijden, in ontvangst nemen.
2. De huurder mag het gehuurde slechts met toestemming van de verhuurder buiten
openingstijden of op een ander adres terugbrengen.
3. Afspraken over het eerder terugbrengen van het gehuurde binnen de overeengekomen huurperiode zijn vrijblijvend.
4. Komt het gehuurde niet volgens afspraak terug na het einde van de (eventueel
verlengde) huurperiode, dan kan de verhuurder het gehuurde onmiddellijk
terugnemen. De contractuele verplichtingen van de huurder blijven bestaan tot het
moment dat het gehuurde aan verhuurder terug is gegeven.
5. Als huurder het gehuurde niet op tijd inlevert, mag de verhuurder de huurder 20%
van de daghuurprijs in rekening brengen voor elk uur dat het gehuurde te laat terug
komt. Na overschrijding met vijf uur kan per dag tot 1½ keer de daghuurprijs in
rekening worden gebracht. Daarnaast kan de verhuurder om een vergoeding voor
schade vragen, zowel voor schade die bestaat, als voor schade die nog zal volgen.
Als het onmogelijk is en blijft het voertuig terug te geven, dan wordt geen hogere
huurprijs in rekening gebracht. De verhoging van de huurprijs geldt niet als huurder
aantoont dat de overschrijding van de huurtermijn het gevolg is van overmacht.


Artikel 7 - Annulering
1. Als een overeenkomst wordt geannuleerd door de huurder, dan kan de verhuurder
de volgende annuleringskosten in rekening brengen:
-bij annulering tot de 30e dag (exclusief) voor de dag van verhuur: de aanbetaling
met een maximum van 10% van de huursom;
-bij annulering vanaf de 30e dag (inclusief) tot de 7e dag (exclusief) voor de dag
van verhuur: 30% van de huursom;
-bij annulering vanaf de 7e dag (inclusief) tot de 3e dag (exclusief) voor de dag van
verhuur: 50% van de huursom;
-bij annulering vanaf de 3e dag (inclusief) tot 1 dag (exclusief) voor de dag van
verhuur: 90% van de huursom;
-bij annulering vanaf minder dan 1 dag voor de dag van verhuur: de volle huursom.
Artikel 8 - Betaling
1. Bij het begin van de huur kan de verhuurder om betaling van een waarborgsom
vragen.
2. De waarborgsom wordt in principe terug betaald binnen 1 werkdag nadat het
gehuurde is ingeleverd. De verhuurder kan de dan nog openstaande kosten
verrekenen.
3. In geval van schade van de verhuurder wordt dit ook met de waarborgsom
verrekend. Dit terugbetalen zal plaatsvinden zodra duidelijk is welk bedrag er over
is. Het terugbetalen gebeurt binnen twee maanden, maar in geval van schade aan
derden binnen zes maanden.
4. Als een andere persoon schade van verhuurder heeft veroorzaakt en verhuurder
heeft van deze derde een volledige schadevergoeding hiervoor gekregen, dan wordt
de waarborgsom binnen 14 dagen na het verhaal van de schade geretourneerd.
Verhuurder zal zich inspannen om schade veroorzaakt door derden zo spoedig
mogelijk te verhalen. Verhuurder houdt de huurder op de hoogte van zijn
inspanningen.
5. Als de huurperiode binnen drie maanden na het sluiten van de overeenkomst
begint, dan kan de verhuurder vooruitbetaling tot 50% van de huur vragen. Tenzij
anders is overeengekomen, dient de huursom onmiddellijk na afloop van de
huurperiode betaald te worden. Andere bedragen moeten betaald worden binnen
tien dagen na ontvangst van de factuur. De huurder dient het verschuldigde bedrag
te betalen vóór het verstrijken van de betalingsdatum. Doet hij dat niet, dan zendt
de verhuurder na het verstrijken van die datum een kosteloze betalingsherinnering
en geeft de huurder de gelegenheid om alsnog het openstaande bedrag te betalen
en wel binnen 15 dagen nadat deze betalingsherinnering bij huurder is bezorgd/
door huurder is ontvangen. Als na het verstrijken van de betalingsherinnering nog
steeds niet is betaald, is de verhuurder gerechtigd rente in rekening te brengen
vanaf het moment van verzuim. Deze rente is gelijk aan de wettelijke rente. Door
een partij te maken gemaakte gerechtelijke en buitengerechtelijke kosten om
betaling van een schuld af te dwingen, kunnen aan de wederpartij in rekening
worden gebracht. De hoogte van deze kosten is onderworpen aan (wettelijke)
grenzen. Daarvan kan in het voordeel van de huurder worden afgeweken.


Artikel 9 - Verplichtingen huurder
1. De huurder moet netjes met het gehuurde omgaan en zorgen dat hij het gehuurde
gebruikt zoals dat bedoeld is. Het is bijvoorbeeld verboden om het gehuurde te
gebruiken op een circuit, op een terrein waarvoor het gehuurde niet geschikt is, of
op een terrein waarbij vermeld staat dat je er voor eigen risico op gaat.
2. Huurder moet het gehuurde inleveren in dezelfde staat als hij het heeft ontvangen.
Dat betekent bijvoorbeeld dat de huurder eventuele veranderingen aan het
gehuurde ongedaan moet maken. Huurder heeft geen recht op vergoeding als hij
verbeteringen aan het gehuurde heeft gedaan die verwijderd moeten worden.
3. Huurder moet de bagage aan/op het gehuurde zorgvuldig vastmaken en met zorg
afdekken.
4. Huurder moet er op letten dat niet iemand met het gehuurde rijdt die hiertoe niet
in staat is vanwege een lichamelijke of geestelijke beperking. Dit geldt ook voor
iemand die niet bevoegd is om het trekkende voertuig te besturen. Huurder mag
het gehuurde verder alleen aan iemand geven, als deze als bestuurder op het
huurcontract staat.
5. Huurder mag het gehuurde niet doorverhuren.
6. Het is huurder toegestaan het gehuurde buiten de landsgrenzen van Nederland te
brengen indien het landen betreft die op de groene kaart van het trekkende
voertuig vermeld staan, tenzij schriftelijk anders is overeengekomen met
verhuurder.
7. Als het gehuurde kapot is, geldt artikel 10 lid 3 en mag de huurder het gehuurde
niet meer gebruiken als dit het erger maakt. Het gehuurde mag ook niet langer
gebruikt worden, als dit slecht is voor de verkeersveiligheid.
8. Huurder is verplicht om de bestuurder en de personen die hij het gehuurde laat
gebruiken te wijzen op de regels van de verhuur en er op te letten dat deze zich
hier ook aan houden.
9. Huurder dient onder meer zorgvuldig om te gaan met de bij het gehuurde
behorende sloten en sleutels en de bij het gehuurde behorende documenten
(zoals het kentekenbewijs en de grensdocumenten).
10.Huurder moet een WA-verzekering hebben voor het trekkende voertuig waarmee
het gehuurde wordt getrokken.


Artikel 10 - Instructies voor de huurder
1. Huurder moet de bandenspanning van het gehuurde op niveau (laten) houden.
Vraagt de verhuur-der aan huurder om het gehuurde voor normaal onderhoud in te
leveren, dan doet huurder dat, wanneer dit op een normale manier voor hem te
regelen valt. De vraag om het voertuig voor onderhoud af te geven, wordt niet
gesteld als de huurperiode een maand of korter is.
2. Huurder moet het gehuurde schoon terug geven. Doet huurder dit niet, dan kunnen
de reële schoonmaakkosten in rekening worden gebracht.
3. Is het gehuurde zichtbaar kapot, heeft het gehuurde iets beschadigd, of raakt het
gehuurde vermist, dan moet huurder deze instructies opvolgen.
- huurder informeert de verhuurder hierover;
- huurder doet dat wat de verhuurder aan hem vraagt;
- huurder geeft uit eigen initiatief of in reactie op een verzoek alle inlichtingen en
relevante documenten aan de verhuurder of aan diens verzekeraar;
- huurder laat het gehuurde zo achter, dat deze behoorlijk beschermd zal zijn tegen
beschadiging of vermissing;
- het kan zijn dat verhuurder schadevergoeding van iemand anders wil vragen.
Het kan ook voorkomen dat een derde persoon vindt dat verhuurder hem een
schadevergoeding moet betalen en dat verhuurder hier tegen in wenst te gaan.
In dit soort gevallen moet huurder meewerken.
4. Bij ongevallen, beschadiging of vermissing van het gehuurde is huurder daarnaast
verplicht:
- om melding te doen bij de politie ter plaatse;
- om zo spoedig mogelijk een volledig ingevuld en ondertekend
schadeaangifteformulier aan verhuurder over te leggen;
- om op geen enkele manier schuld te erkennen.
5. Huurder moet verhuurder zo spoedig informeren over:
-dat er iets gebeurd is waardoor er schade aan, of schade met of door het
gehuurde is gekomen, of dat dit soort schade best eens zou kunnen gaan
ontstaan;
- het kapot gaan van het gehuurde;
-de vermissing van het gehuurde of van onderdelen/ toebehoren;
-dat huurder op een andere manier de macht over het gehuurde of over dat wat er
bij hoort kwijt is geraakt;
-dat er beslag is gelegd op het gehuurde;
en over andere omstandigheden waarover verhuurder redelijkerwijs geïnformeerd
moet worden.
6. Het kan zijn dat autoriteiten, zoals de politie, aan verhuurder vragen om te zeggen
wie er op een bepaald moment het gehuurde heeft bestuurd of gebruikt. Komt dit
voor, dan moet huurder zo snel mogelijk vragen van verhuurder beantwoorden.


Artikel 11- Verplichtingen verhuurder
1. Op het moment dat de verhuurder het gehuurde aan huurder meegeeft, heeft het
gehuurde de overeengekomen accessoires en specificaties en ook de in Nederland
verplicht gestelde uitrusting. De banden van het gehuurde hebben het juiste
profiel. Ook zal het gehuurde de juiste bandenspanning hebben. Het gehuurde zal
schoon zijn, goed onderhouden zijn en voor zover bij verhuurder bekend of kenbaar
in technisch goede staat.
2. Verhuurder stelt samen met huurder voorafgaand aan de verhuur een rapport op
waarbij eventuele schade die zich al aan het gehuurde bevindt, wordt aangegeven.
3. Verhuurder geeft huurder de vereiste documenten mee, voor de start van de
huurperiode.
4. Verhuurder zorgt dat er in het gehuurde een Nederlandstalige instructie ligt en ook
een overzicht van telefoonnummers waar huurder zich binnen en buiten
openingstijden kan melden.
5. Op het gehuurde staat te lezen op welk niveau de bandenspanning dient te worden
gehouden.
6. Verhuurder inspecteert het gehuurde direct bij inlevering door huurder op
eventuele schade. Dit geldt zowel bij inlevering van het gehuurde bij de eigen
vestiging als bij inlevering van het gehuurde op een andere vestiging.
7. In geval van schade aan het gehuurde in het buitenland zijn de kosten van
repatriëring van het gehuurde voor rekening van verhuurder, tenzij het tweede lid
van artikel 12 van toepassing is, of tenzij partijen hebben afgesproken, dat het
gehuurde niet in het buitenland gebruikt mag worden.


Artikel 12 - Aansprakelijkheid van de huurder voor schade
1. Huurder is voor schade van de verhuurder per schadegeval aansprakelijk tot het op
het huurcontract vermelde eigen risico. Bij het gehuurde tot 3500 kilogram is het
eigen risico in geval van bovenhoofdse schade maximaal € 1500,- . Bij de huur van
een paardentrailer is het eigen risico bij bovenhoofdse schade echter maximaal
€ 2000,-. Bij andere schadegevallen is het eigen risico maximaal € 1000,-.
2. Wanneer de schade volgt uit iets wat de huurder in strijd met artikel 9 wel of niet
heeft gedaan, dan moet huurder de schade van verhuurder in principe volledig
vergoeden. Een eerste mogelijke uitzondering hierop is dat huurder bewijst dat dit
handelen of nalaten aan hem niet toegerekend kan worden. Een tweede
uitzondering zou kunnen zijn dat het niet redelijk en billijk is als de huurder alles
moet vergoeden. Een derde uitzondering staat in lid 3.
3. Lid 2 geldt niet, als er volgens de voorwaarden van de WAM-verzekeringsovereenkomst dekking bestaat voor de vermogensschade van de verhuurder die ontstaat
omdat deze verhuurder/ de kentekenhouder/ de verzekeraar van het gehuurde kan
worden aangesproken voor schade van iemand die met of door het gehuurde zelf
persoonlijk gewond is geraakt, of wiens eigendom beschadigd is.
4. Als huurder een andere persoon het gehuurde laat gebruiken, bijvoorbeeld omdat
deze persoon het trekkend voertuig bestuurt, is huurder aansprakelijk voor wat
deze persoon doet of juist niet doet in overeenstemming met artikel 12 lid 1 en 2
van deze algemene voorwaarden. Ook al hadden deze personen niet de instemming
van huurder voor hun gebruik.


Artikel 13 - Gebreken aan het gehuurde en aansprakelijkheid van de verhuurder
1. Wanneer huurder aan verhuurder vraagt om gebreken op te lossen, moet
verhuurder dit in principe doen. Dit hoeft niet als een gebrek echt niet verholpen
kan worden. Het hoeft ook niet, wanneer huurder dit redelijkerwijs eigenlijk niet van
verhuurder kan vragen, gelet op het geld dat verhuurder hiervoor zou moeten
uitgeven. Als huurder ten opzichte van verhuurder aansprakelijk is voor het gebrek
of voor de gevolgen van het gebrek, hoeft de verhuurder de
gebreken ook niet op te lossen, zelfs al heeft de huurder hier wel
om gevraagd.
2. Verhuurder is niet aansprakelijk voor schade aan vervoerde zaken
door een gebrek aan het gehuurde wanneer de totale waarde van
die vervoerde zaken hoger is dan € 15.000,-, tenzij dit hogere
maximum bedrag is afgesproken. Wanneer iemand die
persoonschade heeft opgelopen deze schade heeft kunnen verhalen
op diens schade-verzekeraar of wanneer zo iemand hier een andere
uitkering voor heeft gekregen, dan is verhuurder niet aansprakelijk voor deze
persoonschade.
3. Dat wat in artikel 13 lid 2 staat, gaat echter niet op als verhuurder bij het maken
van de huurafspraak van de gebreken wist of had moeten weten, of als er
gebreken zijn ontstaan door opzet of grove schuld van verhuurder.


Artikel 14 - Overheidsmaatregelen en informatie aan autoriteiten
1. De overheid kan tijdens de huurperiode een sanctie of een maatregel opleggen en
huurder moet dan voor de financiële gevolgen betalen. Dit geldt niet, wanneer deze
zijn opgelegd vanwege een defect dat het gehuurde al had toen de huurperiode
begon, of wanneer ze te maken hebben met omstandigheden die binnen de
risicosfeer van de verhuurder liggen.
2. Krijgt verhuurder zo’n sanctie of maatregel opgelegd, dan moet huurder zo spoedig
mogelijk de schade vergoeden. Ook moet huurder de administratiekosten met een
minimum van €25,- en een maximum van € 150,- betalen. Verhuurder dient die
kosten zoveel mogelijk te beperken en zal op verzoek van huurder deze kosten
onderbouwen. Indien verhuurder in verband met enige gedraging of nalaten van
huurder, zoals een verkeersovertreding, informatie aan autoriteiten verstrekt, is
verhuurder gehouden de daarmee gepaard gaande kosten te vergoeden, met een
minimum van €10,- en een maximum van € 100,-. Ook hier zal verhuurder op
verzoek van huurder de kosten onderbouwen.
3. Als huurder dat wil, kan hij een kopie krijgen van het officiële document van een
sanctie.


Artikel 15 - Beslag op het voertuig, vanwege administratief- / civiel- / strafrecht
1. Alle regels van de huurafspraak blijven bestaan, ook al is er beslag gelegd op het
gehuurde. Zo moet huurder bijvoorbeeld de huur blijven betalen. Dit totdat het
gehuurde weer bij verhuurder is teruggekomen, zonder een beslag. Dit geldt niet,
als beslag is gelegd om iets dat in de risicosfeer van verhuurder ligt.
2. Huurder betaalt de kosten vanwege zo’n beslaglegging.


Artikel 16 - Ontbinding van de huur
1. Verhuurder kan de huurovereenkomst beëindigen en het gehuurde terugnemen op
het moment dat:
- huurder tijdens de huurperiode een of meer van zijn verplichtingen niet, niet tijdig
of niet volledig nakomt, tenzij dit niet ernstig genoeg is voor een ontbinding;
- huurder overlijdt, onder curatele wordt gesteld, surseance van betaling aanvraagt,
in staat van faillissement wordt verklaard of op hem de Wet Schuldsanering
Natuurlijke Personen van toepassing wordt verklaard;
- verhuurder van het bestaan van omstandigheden afweet die van zodanige aard
zijn dat hij (als hij hiervan op de hoogte was geweest) de huurovereenkomst niet
(op deze wijze) met huurder zou zijn aangegaan. In dat geval kan verhuurder een
vergoeding van kosten, schade en rente blijven vragen.
2. Huurder zal alle medewerking aan verhuurder verlenen om het gehuurde terug te
geven.
3. Wanneer huurder voor het begin van de huurperiode sterft, wordt de huur
ontbonden.
4. Verhuurder is niet aansprakelijk voor schade van huurder ten gevolge van
ontbinding op grond van dit artikel.


Artikel 17 - Klachten en Bemiddelingsregeling
1. Klachten over de uitvoering van de overeenkomst moeten volledig en duidelijk
omschreven worden ingediend bij verhuurder, op tijd nadat huurder heeft ontdekt
dat er naar zijn mening iets niet goed is gegaan. Is huurder te laat, dan kan deze
zijn rechten verliezen.


Artikel 18 - Geschillenregeling
1. Geschillen tussen huurder handelend voor doeleinden die buiten zijn bedrijfs- of
beroepsactiviteiten vallen en verhuurder over totstandkoming of de uitvoering
overeenkomsten met betrekking tot door verhuurder te leveren of geleverde
diensten en zaken, kunnen met inachtneming van het hierna bepaalde, zowel door
huurder als verhuurder worden voorgelegd aan de Geschillencommissie
Voertuigverhuur. Adres: De Geschillencommissie, Postbus 90600, 2509 LP te
Den Haag (bezoekadres: Bordewijklaan 46, 2591 XR te Den Haag).
2. Een geschil wordt door de Geschillencommissie slechts in behandeling genomen,
indien huurder zijn klacht eerst tijdig bij verhuurder heeft ingediend. Een geschil
ontstaat indien de klacht van huurder niet naar tevredenheid door verhuurder en/of
via de bemiddelingspoging is opgelost.
3. Leidt de klacht niet tot een oplossing dan moet het geschil uiterlijk 12 maanden na
de datum waarop de huurder de klacht bij de verhuurder indiende, schriftelijk of in
een andere door de Geschillencommissie te bepalen vorm bij deze aanhangig
worden gemaakt. Van een geschil is sprake nadat de klachtafhandeling door
verhuurder en/of via de bemiddelingspoging van niet is opgelost.
4. Wanneer de huurder een geschil aanhangig maakt bij de Geschillencommissie, is
verhuurder aan deze keuze gebonden. Indien verhuurder een geschil aanhangig wil
maken bij de Geschillencommissie, moet hij huurder vragen zich binnen vijf weken
uit te spreken of hij daarmee akkoord gaat. Verhuurder dient daarbij aan te
kondigen dat hij zich na het verstrijken van de voornoemde termijn vrij zal achten
het geschil bij de rechter aanhangig te maken.
5. De Geschillencommissie doet uitspraak met inachtneming van de bepalingen van
het voor haar geldende reglement. De beslissingen van de Geschillencommissie
geschieden krachtens dat reglement bij wege van bindend advies. Het reglement
wordt desgevraagd toegezonden. Voor de behandeling van een geschil is een
vergoeding verschuldigd.
6. Uitsluitend de rechter dan wel de hierboven genoemde Geschillencommissie is
bevoegd van geschillen kennis te nemen.

 

Artikel 19 - Verwerking van persoonsgegevens van de huurder en van de bestuurder
De persoonsgegevens die worden vermeld op het contract worden door verhuurder
als verantwoordelijke in de zin van de Wet Bescherming Persoonsgegevens verwerkt in
een persoonsregistratie. Aan de hand van deze verwerking kan verhuurder op sancties
en maatregelen zoals bedoeld in art. 14 reageren, uitvoering geven aan deze
voorwaarden, de overeenkomst uitvoeren, huurder of bestuurder optimale service en
actuele productinformatie geven en huurder of bestuurder gepersonaliseerde
aanbiedingen doen. Huurder en bestuurder kunnen om inzage en correctie met
betrekking tot de verwerkte persoonsgegevens verzoeken en verzet aantekenen.
De persoonsgegevens van huurder/proefritmaker/
bestuurder kunnen in ieder geval worden opgenomen als het gehuurde wordt
verduisterd, als de huur niet of niet helemaal wordt betaald en als er met opzet
schade komt aan het gehuurde.

Artikel 21 - Toepasselijk recht
Op deze overeenkomst is Nederlands recht van toepassing, tenzij op grond van
dwingend recht het recht van een ander land van toepassing is.

Adres

Bruninkweg 4

7122 PM Aalten

Ophaal locatie

Oostelijke Oude Aaltenseweg 16a

7051 HA Varsseveld